Ik word wakker. Naast mijn kussen, op het randje van het bed, ligt Micia. Opgerold als een klein snoezig bolletje poes. Aan de andere kant ligt Frans. Heel rustig te slapen, met een stuk dekbed tot onder zijn schouder getrokken. Op kniehoogte, tussen ons in, Monster. Die rolt zich niet op, maar strekt zich juist uit. Zo lang mogelijk. Hij houdt ervan om te verdwijnen in het dikke donzen dekbed, in tegenstelling tot Micia, die dat, toen we het net hadden, zelfs maar eng vond.
Met zijn allen op de vierkante meter. zei mijn oma. Ik word er blij wakker van.